Nieuws

Bauhaus
Let op! Dit artikel is al 220 dagen oud en wellicht niet meer relevant

Bauhausvrouwen in de spotlight bij TextielMuseum

Over een maand opent in het TextielMuseum in Tilburg ‘Bauhaus& | Modern Textiel in Nederland’. Waar de aandacht lange tijd vooral uitging naar mannelijke Bauhausiconen zoals Marcel Breuer en Wassily Kandinsky, richt het museum de schijnwerper met deze tentoonstelling op vrouwen van de befaamde opleiding.

De tentoonstelling toont de invloed die weefsters Kitty van der Mijll Dekker, Greten Neter-Kähler, Lisbeth Oestreicher en Otti Berger hebben gehad op de Nederlandse textielvormgeving. De tentoonstelling is te zien vanaf 25 mei.

De weefafdeling

Textiel werd tijdenlang beschouwd als het werkterrein van de vrouwen. Ondanks het streven naar gelijkheid in beroepskeuze op het Bauhaus, werden vrouwelijke studenten met zachte dwang richting de weefafdeling gedirigeerd. Vrouwen kwamen op deze afdeling terecht vanwege hun veronderstelde aangeboren handwerk capaciteiten en hun praktische insteek. Kunstnijverheid, waaronder het werken met ‘zachte’ materialen, werd gezien als een vrouwelijke bezigheid en had een lagere status dan de schilderkunst en architectuur. Hoewel de weefafdeling vaak in de schaduw van de andere afdelingen heeft gestaan, kwamen juist hier de Bauhausidealen van functionaliteit en betaalbare serieproductie tot bloei. De weefsters hebben in Dessau stoffen gemaakt die tot de commercieel meest succesvolle producten van de opleiding behoorden.

Moderne stoffen

Het weefatelier in Dessau is de voedingsbodem voor een radicaal andere kijk op vormgeving dan gangbaar in de 19de eeuw. De ‘zware’ en decoratieve textielproducten van de art nouveau worden ingeruild voor lichte, luchtige weefsels met abstracte dessins, geschikt voor industriële fabricage. De tentoonstelling neemt je mee in de wereld van het weefatelier van het Bauhaus en toont de rijkdom aan textielexperimenten van docenten Gunta Stölzl (de enige vrouwelijke Bauhaus Meister), Anni Albers en van leerlingen die later in Nederland gaan werken. Het unieke lesmateriaal uit hun onderwijstijd werpt licht op de werkwijze: het ontwerpen vanuit de techniek, met aandacht voor kleur en nieuwe materialen als cellofaan en ijzergaren. Door de ogen van weefsters Kitty van der Mijll Dekker, Greten Neter-Kähler, Otti Berger en Lisbeth Oestreicher zie je hoe zij de Bauhausidealen in hun eigen praktijk in Nederland vormgaven en latere generaties textielontwerpers en kunstenaars beïnvloedden.

Reageer op dit bericht